Vandaag gunden we onszelf het genoegen van een ontspannen ochtend—geen wekker die ons uit dromenland rukt, dus de eerste ogen gingen pas na achten open. Rond negen uur haalde papa verse croissants; want wat is een ochtend zonder de geur van versgebakken brood? Kort na tien stapten we in de auto voor een rondje Zeeland.
Eerste stop: Domburg. Dit pittoreske dorpje aan de Zeeuwse kust is een juweeltje, zelfs buiten het hoogseizoen. Met zijn uitgestrekte stranden, die al sinds de 19e eeuw kunstenaars inspireren, en het historische badpaviljoen ademt het een en al charme uit. We slenterden door het gezellige winkelstraatje vol boetiekjes en cafés. Na een kop koffie met iets lekkers—calorieën tellen doen we morgen wel weer—zetten we koers naar Westkapelle.




In Westkapelle was het een stuk rustiger. Dit dorpje staat bekend om zijn imposante zeedijk en vuurtoren, overblijfselen van een rijke maritieme geschiedenis. Het Polderhuis, een museum dat het verhaal vertelt van de strijd tegen het water en de gebeurtenissen tijdens de Tweede Wereldoorlog, was een van de weinige attracties die open waren. We beseften dat we hier al eens met de fiets waren geweest—blijkbaar laat onze geheugen ook wel eens te wensen over. Tijd om door te rijden naar Goes!





Goes is een stad die de perfecte balans vindt tussen historisch erfgoed en moderne gezelligheid. Met monumenten zoals de Grote of Maria Magdalenakerk en het stadhuis is het een paradijs voor liefhebbers van architectuur. Helaas waren alle winkels gesloten op deze herfstige zondag—misschien een teken dat we onze portemonnee moesten sparen? De sfeervolle markt bood echter genoeg restaurants waar we van een heerlijke lunch genoten.





Onze reis vervolgde zich naar Breezand, gelegen bij de indrukwekkende Oosterscheldekering, onderdeel van de wereldberoemde Deltawerken. Papa wilde vooral de iconische strandhuisjes zien, maar die waren na de zomer al opgeruimd. Dus wandelden we over het uitgestrekte strand naar de zee en weer terug. Het strand was zo breed dat je bijna een GPS nodig had om de weg terug te vinden. We maakten van de gelegenheid gebruik om te wippen, schommelen en zelfs te ziplinen op het strand. Wie zegt dat speeltuinen alleen voor kinderen zijn?



Terug op Stadscamping Middelburg genoten we van een aperitiefje. Papa besloot dat een dutje op zijn plaats was—reizen is immers topsport—terwijl mama het avondmaal bereidde.
Na het eten maakten we een avondwandeling naar de markt van Middelburg, waar we op een sfeervol verlicht terras nog een slaapmutsje dronken. De stad, met haar middeleeuwse straatjes en historische gebouwen zoals de Abdijtoren Lange Jan, heeft ’s avonds een bijna sprookjesachtige ambiance.




Terug op de camping was het tijd om te douchen en ons bed in te duiken. Morgen slapen we nog een keer uit en na het ontbijt keren we terug naar huis.